
Elke ochtend lijkt het of we hier niet in Griekenland zitten maar in de Provence. Ook gisteren werden we om 6 uur wakker door het geluid van de krekels en het vrolijk zingen van de huismerel in de tuin van het hotel.

Er stond slechts één uitstap op het programma, naar de hoofdstad van Evia, Chalkida. Onze verwachtingen waren hoog want volgens de toeristische websites is Chalkida een moderne stad met veel economische activiteit. We hebben daar inderdaad 1 kruispunt met verkeerslichten gezien – dat was lang geleden – en even verder zelfs de vervaagde restanten van wat ooit een zebrapad moet geweest zijn, echt waar!

Chalkida is ons dus niet meegevallen, een maat voor niets eigenlijk. Enkel de lange boulevard naast het water is mooi aangelegd en is leuk om af te wandelen maar dat is het dan ook. De binnenstad is saai en rommelig, de winkelstraat is de enige straat met wat sfeer en drukte. De oude huizen die wat persoonlijkheid tonen dienen dringend gerenoveerd worden.

De grote bezienswaardigheid in Chalkida, het water dat om de zes uur van richting verandert door de aantrekkingskracht van de maan, is wel speciaal maar je kan daar toch geen uren op staan kijken?

Ook de restaurants in het centrum waren op één hand te tellen, geef mij dan maar de horeca in de kleine kustplaatsjes die we al verkend hebben, zelfs als die allemaal op elkaar lijken.

‘s Avonds aten we voor een laatste keer in het intussen erg vertrouwde Eretria en we kregen daar warempel een tafeltje op het strand toegewezen. We deelden enkele originele en heerlijke gerechten en zagen hoe de zon langzaam onderging en het einde van weer een vakantiedag inluidde.

Tot morgen!
Morgen: Tetris in zuid-Evia









