Mont St Michel

Oef, we zijn er dus nog. Ons ontbijt verliep in alle rust en stilte, met niemand die in de deuropening stond te gluren. Toch kon ik het niet laten om regelmatig eens over mijn schouders te kijken.

Met een volle maag haalden we de Corsa van stal en reden naar Monemvasia, een middeleeuws dorp dat door alle reisgidsen wordt aangeprezen als een must see. Het dorp ligt op een rots die enkel door een brug verbonden is met het vasteland.
De wandeling over de brug en de smalle straatjes binnen de oude stadsmuren herinnerden ons meteen aan Mont St Michel.

Het dorp is inderdaad prachtig maar daardoor is het natuurlijk ook een toeristische trekpleister geworden. Souvenirwinkels allerhande bezetten de straten en doen geen recht aan de authenticiteit van deze plek. De vergezichten waren echter om het even waar we stonden altijd schitterend en de kalme zee was een blauwe spiegel.

Tegen vieren waren we weer in ons hotel om wat uit te rusten aan het zwembad en ik moet zeggen, onze timing was perfect. Na een kwartier brak er namelijk een luidruchtig onweer los boven onze berg.

Er zat niets anders op dan vroeger dan gewoonlijk te aperitieven. Dat deden we in het gezelschap van een slaperige kolibrievlinder en van een hoornaar met ADHD die als een boze nijlgans duikvluchten maakte tot net boven onze hoofden.

‘s Avonds aten we toch nog eens in het hotel om de simpele reden dat ik geen zin had in vijftien haarspeldbochten bergop, in het pikdonker en met een glas wijn achter de kiezen.

Ons voorgerecht was een primeur voor ons: dolmades soep. Bestond dit echt? Of zat de smiling assassin in de keuken zich te verkneukelen over onze verbaasde gezichten? We zullen het nooit weten!

Tot morgen!

Morgen: Torenhoog

Een gedachte over “Mont St Michel

Plaats een reactie