Dag 19: Ons lot in de Lot

Ons lot in de Lot, de streek van Cahors en consoorten, is rijden en nog eens rijden. Niet over autosnelwegen of die ene nationale weg. Maar wel over smalle bochtige wegen waar geen einde aan lijkt te komen.

Het aantal tegenliggers had bovendien een directe impact op het aantal decibels dat mijn teergeliefde uit schrik telkens produceerde. En die gilletjes hadden op hun beurt op mijn hart het effect van een defibrillator, keer op keer.

Nadat we Cahors bereikt hadden, dat er dromerig bij lag op een doordeweekse zondag, ging het richting één van de mooiste dorpjes van Frankrijk: Saint-Cirq Lapopie.

Enorm fotogeniek, ultra proper en zorgvuldig gerenoveerd. Tel daar de panoramische uitzichten bij en je hebt een toeristische trekpleister van jewelste.

En dan was het weer tijd voor…juist, de bochtige wegen. Maar het moet gezegd, de mooie natuur moet op momenten niet onderdoen voor de Verdon. Rijd maar eens langs Bouziés en Cabarets naar Souillac.

Ons hotel voor twee nachten was gelegen in Lacave, en dat bleek een probleem te zijn. Het was weliswaar geen kasteel zoals de dag ervoor maar het lag volledig in de “blet” zoals men zegt. Geen probleem dachten we, dan eten we ’s avonds wel op het mooie overdekte terras van het hotel.

Jammer genoeg was dat terras volledig ingenomen door de derde leeftijd, alsof er een rechtstreekse busverbinding was tussen de rusthuizen in de buurt en het hotel. Wegwezen dus.

We begaven ons naar Rocamadour waar we er nog eens aan herinnerd werden waarom er in deze streek nergens een spoor te vinden is van eenden of ganzen. Ze staan namelijk allemaal op de menukaarten van de restaurants.

Tot morgen!

Morgen om 18u30: Het onverhoedse vertrek

Plaats een reactie