Dag 5: De duim van Cesar

Gisteren stond de ontdekking van Marseille op het programma. Bij het binnenrijden van deze mediterraanse multiculturele kuststad kregen we alvast deze grote duim te zien. Dit is een verwijzing naar de duim van Julius Caesar waarmee deze veroveraar besliste over leven en dood van verslagen gladiators. Vandaag staat die duim symbool voor de geslaagde integratie van alle vreemdelingen in deze grote stad.

Wat kan ik over Marseille vertellen? Ten eerste, wil je weten of je nog zou slagen in je rijexamen? Rij dan een dagje rond op die veel te smalle rijstroken en je zal het wel snel ondervinden. Maar er is natuurlijk de Vieux Port, de grote rechthoekige haven met honderden aangemeerde plezierboten, het ware epicentrum van de stad. Wie zijn wij, maar wij vonden het een beetje vis noch vlees. De haven straalt niet de grandeur uit van bijvoorbeeld Puerto Banus in Marbella en qua gezelligheid heeft het nog veel te leren van om het even welke Griekse haven.


Enkele honderden meters verderop kwamen we terecht in het historisch centrum, traditioneel een wirwar van smalle steegjes, oude huizen met mooie gevels en speciale winkeltjes. De steegjes tekenden present, maar de gevels waren groezelig en deden ons denken aan de minder leuke wijken van Brussel. Het was voor ons moeilijk in te beelden dat op deze plaats de turbulente liefdesgeschiedenis van Fanny en Marius zich lang geleden zou afgespeeld hebben.

De meeste gevels waren niet of nauwelijks gerestaureerd en menig garagepoort was beklad met lelijke graffiti. Wat de winkeltjes betreft, die behoorden blijkbaar allemaal tot één bepaalde keten: “A Louer”. Het enige wat ik echt origineel vond in de oude buurt waren de grote kleurrijke muurschilderingen, hiervoor hadden de artiesten duidelijk carte blanche gekregen.


Tenslotte hebben we de moderne “quartier” opgezocht en daar werden we om de oren geslagen met de bekende ketens à la H&M, Mango en Hema, zoals je ze ook aantreft in andere grote steden.

Was er dan niets positief aan Marseille? Toch wel hoor. Honger zal je er zeker nooit lijden door de massaal aanwezige bistro’s en restaurantjes waarvan de prijzen allemaal redelijk zijn. Kou zal je er ook nooit hebben, dank zij de 300 dagen zonneschijn per jaar. En indien je een strandliefhebber bent, haast je dan naar de verschillende stranden die slechts op 10 minuten rijden op jou liggen te wachten.

Voor ons hoefde het allemaal niet meer en in de late namiddag zijn we teruggekeerd naar ons kleine hotelletje. Ik was zeer blij dat we er zonder kleerscheuren uitgeraakt zijn, met andere woorden, ik was alvast geslaagd voor mijn rijexamen.

’s Avonds zijn we naar een piepkleine calanque gereden voor het visrestaurant Les Tamaris, dat niet alleen bekend staat voor de kraakverse vis op je bord, maar ook voor de romantische zonsondergang die je er zomaar bovenop cadeau krijgt. Zelfs de vrouw van mijn leven, die niet snel onder de indruk is van dergelijk flauw gedoe, moest toegeven dat de setting ideaal was.


Tot morgen!

Morgen: Op zoek naar BB

Plaats een reactie