Moderne pelgrims

We lieten Roussillon achter ons en zetten koers naar het oostelijke deel van de Provence. Daarvoor moesten we ons een weg banen door de verkeerschaos in Apt, en even leek het of we ons in Brussel bevonden. Maar daarna ontvouwde zich een zalige weg van een vijftigtal kilometer door weidse landschappen en, uitzonderlijk, geen ronde punten!

We kwamen aan in Forcalquier dat geen lieflijk Provençaals dorp is maar een zekere ruwheid vertoont en schijnbaar geen zin heeft om aan een ideaalbeeld te voldoen.

Na een koffie op de Place de Bourguet vatten we als moderne pelgrims de beklimming aan van de weg die leidt naar de Citadel van Forcalquier op ongeveer 600 meter hoogte.

Tijdens de beklimming vroeg ik me niet voor de eerste keer gefrustreerd af waarom dergelijke wegen naar de top altijd met zo’n ongelijke stenen werden aangelegd. Om de pelgrims te pesten?

Toen we de top bereikten en we de illustere citadel aantroffen, viel ik niet echt op mijn knieën van bewondering zoals de echte pelgrims dat vroeger waarschijnlijk deden.

De afdaling ging uiteraard veel vlotter en omdat het zo warm was besloten we naar ons hotel in Mane te rijden en de schaduw aan het zwembad op te zoeken.

‘s Avonds reden we via een van die typische dreven in Frankrijk naar een restaurantje dat van verschillende bronnen een goede vermelding krijgt omwille van het eenvoudige maar lekkere eten dat ze daar serveren.

Tot onze verbazing kregen we daar een heerlijke Thai curry voorgeschoteld die ons door de geuren en de smaken voor even deed denken dat we in Thailand op reis waren. Maar dat was jammer genoeg niet het geval. Het was zelfs onze laatste avond voor we onze steven weer naar het noorden zouden keren. Omdat dit vooruitzicht ons niet beviel, bestelden we nog maar een dessertje.

Tot morgen!

Morgen: de eiergooier

Plaats een reactie