De reus van elf meter

Gisterenochtend voor de eerste keer niet buitenshuis gaan ontbijten maar op ons eigen terrasje aan de kamer, met uitzicht op de velden en weiden. Terwijl we kokend water op de Nescafékorrels goten en salami aten waarvan we enkel de houdbaarheidsdatum konden lezen, hoorden we in de verte het gerinkel van de bellen van de schapen of de geiten. Eens wat anders dan de vogeltjes.

Van de autoverhuurmaatschappij, die opvallend genoeg gerund werd door drie dominante Griekse vrouwen, geen man was daar te bekennen, kregen we een autootje in een speciale kleur. Misschien had iemand hen verteld dat we soms nogal moeten zoeken naar onze auto op al die free public parkings hier.
‘Rij naar het westen’, kreeg ik te horen toen ik in Google Maps onze eerste bestemming invoerde. Daar kreeg ik stress van want wie heeft nu er altijd een kompas bij?

Agios Prokopis was direct een schot in de roos. Prachtig strand met veel faciliteiten, niet te duur, leuke tavernes en achter het strand verscheidene bars in Ibizastijl. In de straten van het dorpje troffen we veel leuke kamers of studio’s aan, gevestigd in mooie witte huizen, met lommerrijke terrasjes, voor een prijs per nacht rond de vijftig euro. Daarmee breng je de nacht door op Mykonos op twee ligbedden onder de blote hemel.

Het dichtbij gelegen Agio Anna, met een zeer smal strand, was duidelijk meer bestemd voor gezinsvakanties terwijl het Plaka strand, dat we bereikten via een onverharde weg van kilometers lang, ideaal was om je af te zonderen van de massa.
Na al die stranden richtten we onze turkooise steven op een letterlijk grote bezienswaardigheid op Naxos: de Kouros. We moesten er wel een rit van een uur voor over hebben, dwars door het verrassend mooie en bergachtige landschap van Naxos. Onderweg genoten we van de vele panorama’s en spotten we verborgen inhammen en baaitjes, tientallen meters lager dan de kronkelende weg waarop we ons bevonden.

Typisch Grieks: de Kouros, een liggend marmeren standbeeld van 11 meter lang en een gewicht van 80 ton, vervaardigd uit marmer van de marmergroeves in Naxos zelf, ligt gewoon wat hoger dan de weg, volledig aan zijn lot overgelaten. Er is geen hek, geen informatiebord met de historische uitleg, niets. Moesten marmeren tranen bestaan, ze zouden geplengd worden door die oude reus.

Toen wij even verder het dorpje Apollonas binnenreden, waren we snel zijn verdriet vergeten. Wat een vakantiegevoel! Nochtans een heel eenvoudig haventje met een rij tavernes, een piepklein strandje en vanzelfsprekend kraakhelder water. Maar het kwam door dat lekkere Griekse slaatje, de glimlach van de dochter van de uitbater die ons bediende en die elke bestelling als een waar geschenk aannam, en tenslotte de grootvader met de dikke grijze snor die dankbaar naar ons zwaaide toen we wegreden. Daar doe je het toch voor?

‘s Avonds hebben we gegeten bij Oniro, een wijnbar annex restaurant, op het dak van een negentiende eeuws gebouw, met een verbluffende uitzicht op de haven en de zee, waar we bijna evenveel van genoten als van de lokaal geteelde rode wijn die we besteld hadden en van de gegrilde zeebrasem.

Tot morgen!
Morgen: Dinsdag gesloten

Een gedachte over “De reus van elf meter

Plaats een reactie